© 2012 Ann Meloen All rights reserved

Een tuin vol met het zevenstippelig lieveheersbeestje – Coccinella septem punctata

Ik kan mij niet herinneren, dat ik in het verleden zoveel lieveheersbeestjes in het vroege voorjaar tegenkwam in de tuin, nu zitten ze echt overal.

Lieveheersbeestjes hebben een ronde, zelfs vaak half bolvormige vorm met korte pootjes die net als de kleine antennenonder het dek- en nek -schild kunnen worden teruggetrokken. De grootte van de Nederlandse soorten ligt tussen 2 en 10 mm; in Nederland komen een zestigtal soorten voor. De kevers en de larven zijn meestal   roofdierenvan o.a.  bladluizen(die vaak worden beschermd door mieren vanwege hun zoete afscheiding), maar er zijn ook lieveheersbeestjes met een plantaardig dieet.

De meeste lieveheersbeestjes leven ongeveer een jaar. Het aantal stippen zegt dus niets over de leeftijd.

De larven lijken van afstand op kleine rupsjes, maar hebben zes kleine looppootjes aan de voorzijde. Larven van veel soorten zijn stekel-achtig behaard en hebben felle gele en rode kleuren.

Als je een lieveheersbeestje pest door zachtjes op hem te drukken, dan produceert hij een gele vloeistof. Dit heet “reflexbloeden”. De vloeistof (hemolymfe), die tevoorschijn komt bij het femoro-tibiale gewricht van de poten, heeft een kwalijk geurtje en smaakt erg bitter. Vogels die een lieveheersbeestje oppakken proeven dit bloed en laten hem dan soms snel vallen. Het rood met zwarte kleurpatroon is dan ook te beschouwen als een waarschuwing. De vieze smaak wordt veroorzaakt door een alkaloïde dat per lieveheersbeestje verschilt.

Lieveheersbeestjes worden o.a. gebruikt om bladluizen op een natuurlijke manier te bestrijden

De naam lieveheersbeestje is een herinnering aan de tijd dat de Germanenin Europa gekerstend  werden. De bestaande Germaanse naam voor het kevertje, Freyafugle, vogel van de godin Freya, werd verchristelijkt tot onze lievevrouwebeestje of lieveheersbeestje.

Bron wikipedia

Geef een reactie